vrijdag 10 juni 2011

De eerste gemeente

Jezus droeg in Handelingen 1:4v de Zijnen nadrukkelijk op om in Jeruzalem te blijven wachten tot de belofte in vervulling zou gaan, nl. dat zij gedoopt zouden worden in de Heilige Geest.
Na de hemelvaart gaan ze naar ‘het bovenvertrek’; volgens vs 13v wijden zich daar de elf leerlingen vurig en eensgezind aan het gebed, ‘samen met de vrouwen en met Maria, de moeder van Jezus, en met zijn broers’.
Maria stond bij het Kruis en is daarna blijkbaar bij de leerlingen gebleven. ‘De vrouwen’ die Jezus volgden waren getuige van de graflegging en van het lege graf.
Alle vier de evangeliën maken melding van broers van Jezus; volgens Mt. 13:55 en Mk. 6:3 zijn er ook zussen. Als namen van zijn broers worden vermeld Jakobus, Jozef of Joses, Simon en Juda. In Mt. 12:46-50 / Mk. 3:31-35 / Lk. 8:19-21 willen ze Hem spreken, maar ze krijgen daar geen gelegenheid toe. Volgens Mk. 3:20 willen ze Jezus tegen zichzelf in bescherming nemen omdat ze aan zijn verstand twijfelen. In Joh. 2:12 brengt Jezus na de Bruiloft te Kana in Kafarnaüm een aantal dagen door met zijn moeder, zijn broers en zijn leerlingen. In het begin van Joh. 7 dringen zijn broers er bij Hem op aan om niet in Galilea te blijven, maar naar Jeruzalem te gaan voor het Loofhuttenfeest en zich daar aan de mensen bekend te maken. En passant vermeldt de evangelist in vs 5, dat zijn broers niet in Hem geloven; na de Opstanding doen ze dat kennelijk wel.
In Hnd. 1:15 zijn ze met 120 mensen bijeen; en in Hnd. 2:1 zijn ze allen bij elkaar. Volgens de traditie worden de twaalf apostelen vervuld met de Heilige Geest en beginnen ze in andere talen te spreken, maar het ligt voor de hand dat dit voor de hele groep van 120 geldt (vs 6: ‘de apostelen en de andere leerlingen’). Na de prediking van Petrus zijn er (vs 41) ongeveer 3000 die tot geloof komen; volgens vs 47 komen er elke dag bij en in 4:4 is het aantal gelovigen gegroeid tot ongeveer 5000. Volgens sommigen zijn deze aantallen sterk overdreven, maar volgens allerlei bronnen was de stad zeer dichtbevolkt en Tacitus meent dat in het jaar 70 Jeruzalem 600.000 inwoners had! En met de grote feesten kwamen er meer dan een miljoen pelgrims naar de stad.

Geen opmerkingen: