Als Sjaoel Damascus nadert, wordt hij plotseling omstraald door een hemels licht. Hij valt op de grond en hoort een stem die zegt: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’ En op zijn vraag wie er tot hem spreekt: ‘Ik ben Jezus, die jij vervolgt. Maar sta nu op en ga de stad in, daar zal je gezegd worden wat je moet doen.’ Sjaoel valt op de grond en hoort een stem die hem toespreekt. Daarna is hij een aantal dagen blind. Zijn metgezellen horen de stem ook, maar worden niet verblind (Hnd. 9:3-7).
Licht is vaak een beeld van Gods Heerlijkheid en Aanwezigheid.
In Jes. 49:6 is de Knecht van de HEER geroepen om een Licht voor de volken te zijn (Vgl. Jes. 60:3; Jes. 9:1/Mt. 4:16).
In Hnd. 22:6vv vertelt hij over deze ervaring: midden op de dag werd hij opeens omstraald door een fel licht uit de hemel; hier zegt hij, dat de mensen die bij hem waren wel het licht zagen maar niet de stem hoorden. In 26:12vv zegt hij zelf, dat zij allen op de grond vielen. Verder krijgen we daar te horen dat de stem ook nog zei: Ik zal je (…) beschermen tegen je eigen volk en tegen de heidenen, naar wie ik je uitzend om hun de ogen te openen, zodat ze zich van de duisternis naar het licht keren, en van de macht van Satan naar God. Door het geloof in mij zullen ze vergeving krijgen voor hun zonden, en samen met allen die mij toebehoren zullen ze deel krijgen aan mijn koninkrijk.
Wellicht is Sjaoel naar aanleiding van de ervaring bij Damascus plus de genoemde teksten uit Jesaja gaan inzien dat hij de apostel der heidenen moest zijn.
Door de Heer wordt tegen Ananias gezegd, dat Sjaoel Zijn Naam zal verkondigen aan de heidenen en voor koningen en onder de Israëlieten.
Na zijn bekering gaat hij onmiddellijk in de synagogen verkondigen, dat Jezus de Zoon van God is (9:20) en aantonen dat Jezus de Messias is (vs 22). De Joden in Damascus hadden vernomen wat Sjaoels missie was; eerst verbazen ze zich (vs 21) en later willen ze hem uit de weg ruimen (vs 23); dat hij daar achter komt, is wellicht een aanwijzing dat er ook in Damascus onder de Joden verschillende stromingen zijn. Volgens eigen zeggen (Gal. 1:18) is hij na drie jaar nog / weer in Damascus (wat exact met ‘Arabia’ wordt aangeduid is niet duidelijk: valt Damascus daar zelf ook onder? Volgens Gal. 4:25 is ook de berg Sinaï in Arabia; de Romeinse provincie Arabia omvat wat nu Jordanië heet, het Sinaï-schiereiland en het noordwesten van wat nu Saoedi-Arabië heet).
Daarna gaat hij naar Jeruzalem. In Jeruzalem vertrouwen de gelovigen hem niet (vs 26); het is Barnabas die hem onder zijn hoede neemt. De hellenistische Joden daar beramen al spoedig een aanslag op hem, waarop hij uitwijkt naar Cilicië (zijn geboortestreek). Volgens Gal. 1 verbleef hij 15 dagen in Jeruzalem.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten